Selecteer een pagina

Kinderen, dus co-ouderschap?

Betekent “goede ouder zijn” ook dat jullie samen de zorg- en opvoedtaken gelijkelijk gaan verdelen en dus een co-ouderregeling afspreken?  Wat is het belang van het kind?

Wanneer je uit elkaar gaat, blijven jullie samen het gezag houden over jullie kind sinds de wetswijziging in 1998, ook al woont je kind misschien niet meer bij jou. Gezag betekent dat je samen juridisch verantwoordelijk blijft voor onder meer de verzorging en opvoeding.

Afhankelijk van wat jullie willen en wat goed is voor het kind en wat ook past in jullie agenda’s, beslissen jullie bij wie jullie kind komt te wonen en hoe jullie dan de omgang regelen met de andere ouder.

Een gebruikelijke “omgangsregeling” is een weekendregeling eens in de veertien dagen en eventueel een dag in de week tussendoor dat de kinderen dan bij de andere ouder verblijven.

Jullie kunnen ervoor kiezen om afwisselend jullie kind bij jullie te laten wonen en in praktische en financieel opzicht, min of meer gelijkwaardig bij te dragen aan de dagelijkse verzorging van de kinderen. Dat heet dan een co-ouderregeling. Het woord co-ouderschap staat niet als zodanig in de wet maar dit is inmiddels wel een ingeburgerd begrip.

Op de website van de belastingdienst is te lezen dat je fiscaal co-ouder bent “in de volgende gevallen:

  • Uw kind woont ten minste 3 dagen per week bij u én ten minste 3 dagen per week bij uw ex.
  • Uw kind woont om en om 1 week bij u en 1 week bij uw ex.

Of uw kind op uw adres of op het adres van uw ex ingeschreven staat, maakt daarbij niet uit. Als u co-ouder wordt, heeft dat gevolgen voor uw huurtoeslag, de kinderopvangtoeslag en het kindgebonden budget. Zorg er daarom voor dat u op tijd wijzigingen voor deze toeslagen doorgeeft.”

Het advies is vaak bij meerdere kinderen, dat je de kinderen op papier gaat scheiden om de kinderbijslag en daarmee ook het kindgebonden budget over de ouders te verdelen door ieder één kind op het eigen woonadres in te laten schrijven.

Maar bovenstaande wetenswaardigheden zijn slechts fiscale, financiële zaken. Veel belangrijker is dat je realiseert dat de mooie intentie van het co-ouderschap in de praktijk helaas veelal niet uitvoerbaar is. Een co-ouderregeling kan namelijk pas slagen wanneer aan een aantal randvoorwaarden is voldaan:
  • De ouders wonen niet ver van elkaar en van school i.v.m. het halen en brengen en /of door het kind zelf deze afstand te laten overbruggen;
  • De ouders hebben nu en ook in de toekomst goed contact met elkaar, wat nodig is voor de kinderen. Dit klinkt zo makkelijk maar dit vraagt gigantisch veel van de ouders en zelfs nog meer opoffering van de eigen belangen dan bij een scheiding met een omgangsregeling. Zonder een goede communicatie tussen de ouders zou je niet moeten willen beginnen aan een co-ouderregeling;
  • Niet elk kind en /of levensfase is voor de co-ouderregeling geschikt. Het kind dient hierbij niet te veel onrust te ervaren door telkens te wisselen van huis en ouder met daar ook weer andere vrienden en /of regels;
  • Beide ouders werken parttime of zijn flexibel in de opvang van de kinderen;
  • Weet dat de wens van co-ouderschap vaak voortkomt vanuit het idee dat het voor kinderen goed is om evenveel contact met beide ouders en ook vanuit een soort rechtvaardigheidsgevoel en eergevoel, ook naar de buitenwereld toe en dat heeft dan dus weinig te maken met het belang van de kinderen.
Uit onderzoek komt naar voren dat het voor kinderen van groot belang is dat ouders samen goed verder kunnen en dat de vorm waarin zij dat gieten veel minder van belang is en dat het de kinderen niet gaat om de precieze verdeling in tijd tussen beide ouders. De co-ouderregeling kan zelfs negatieve gevolgen hebben, doordat een kind niet meer gewoon in één huis woont, maar feitelijk verdeeld wordt over twee huishoudens. Deze negatieve gevolgen kunnen voortkomen uit onder andere gevoelens van verlies bij elk afscheid, heimwee naar de andere ouder en gebrek aan continuïteit. Dit laatste kan zelfs het proces van identiteitsvorming beschadigen. Bovendien bestaat het risico dat het kind voortdurend wordt opgeëist door de ouders, omdat beiden de tijd optimaal met het kind willen benutten. Ook in de praktijk zal het voor het kind lastig kunnen zijn om telkens te switchen van het ene naar het andere huis, met bijbehorende regels, rituelen en sociaal leven. Het kind moet de eigen spullen over twee plekken verdelen, wat veel kinderen moeilijk vinden.

Zo kan het zijn dat wat vandaag wordt afgesproken, toch minder goed werkt over een x aantal maanden omdat bijvoorbeeld jullie kind dat ineens aangeeft (door zich misschien wel anders te gedragen). Dan is bijstelling van de plannen mogelijk geboden, wanneer dit niet van tijdelijke aard lijkt te zijn. Maar als de co-ouderregeling lukt, ook voor het kind dan kan dit zeker helpend zijn voor jullie allemaal voor wat betreft jullie scheiding.